woensdag 29 september 2010

Hans den Engelsen - Het gouden saladeboek


Hans den Engelsen, chef-eigenaar van 't Raedhuys in Duiven, bewees eerder al met Asperges. Het witte goud (De Lantaarn 2010), Het gouden tapasboek (De Lantaarn, 2008) en Het gouden amuseboek (De Lantaarn, 2008) dat hij het schrijven van kookboeken onder de knie heeft. Een selectie van de recepten uit die laatste twee boeken werden als Amuses. De lekkerste voorafjes (De Lantaarn, 2009) en Tapas. Het heerlijke Spaanse leven (De Lantaarn, 2009) ook aangeboden in een zogenaamde boekbox. Daarbij werd telkens een klein boekje samen met vier amuselepels of tapasvorkjes in een aantrekkelijk geprijsde doos aangeboden. Of dit met Het gouden saladeboek het geval zal zijn, hangt waarschijnlijk af van de invallen van de uitgever. Vier slakommetjes verpakken wat moeilijk in een doos, een saladebestek kan nog net.

De vormgeving van dit boek is volledig conform de reeks, waardoor waardoor het voor de uitgever op termijn een kleine moeten wordt om een 'Gouden' verzamelwerk op de markt te brengen. Inmiddels verschenen al negen delen in de reeks, dus een gevarieerd aanbod aan recepten is al voorhanden.

Ook dit boek bevat een gevarieerde verzameling van recepten waarbij de definitie van wat een salade nu werkelijk is, alleen maar diffuser wordt. Na lezing van dit boek houd ik het op 'een gehusseld gerecht van groenten, vlees, vis, fruit of een combinatie ervan die zowel als hoofd- en als bijgerecht kan worden geserveerd.'

In vijf hoofdstukken presenteert Den Engelsen zeveneveertig recepten die via de index makkelijk terug te vinden zijn. Omdat de hoofdingrediënten meestal ook in de naam van het gerecht worden vernoemd, en de verschillende ingrediënten uit de receptennaam in de index worden geordend, levert deze index een goede toegang op het boek. Nog beter was het natuurlijk geweest als er ook in index op (hoofd)ingrediënten was opgenomen zodat het ook als 'ik-heb-nog-wat-in-mijn-koelkast-en-ik-wil-een-salade-maken boek' had kunnen functioneren. Maar zoals gezegd, de huidige index komt aardig in de buurt.

De vijf hoofdstukken behandelen achtereenvolgens zowel koude als warme salades met groenten, met vlees en met vis, maaltijdsalades en salades met fruit. Den Engelsen kent zijn klassiekers en zijn versies van salade niçoise, Russische salade, huzarensalade of Waldorfsalade passeren dan ook de revue, evenals op het eerste gezicht minder evidente combinaties. Ik vernoem alleen maar de Bretonse salade met witte bonen en oester, bloemkoolsalade met gerookte zalm en salade van gerookte eendenborst met babymaïs. Echt total loss gaat Den Engelsen echter nergens. Het blijft al bij al binnen de grenzen van de klassieke keuken. Dit geeft ook meteen als voordeel dat alle salades lekker doenbaar blijven en dat alle gebruikte ingrediënten, naargelang het seizoen, makkelijk te verkrijgen zijn.

In Het gouden saladeboek presenteert Hans den Engelsen een gevarieerd aanbod aan salades waarbij het product en de eenvoud centraal staan. Uitermate geschikt voor wie de zomer drie vierden van het jaar mist.

[Edward Vanhoutte]



Titel: Het gouden saladeboek
Auteur: Hans den Engelsen
Fotografie: Wim Hanenberg, Zwiet-art, Shutterstock
Uitgeverij: De Lantaarn
Jaar: 2010
Collatie: 120 pp. – ill.
ISBN: 978-90-5426-597-9
Kwalitatieve beoordeling: ***
Moeilijkheidsgraad: II

maandag 27 september 2010

Jane Lawson - Sneeuwvlokken en haardvuur

De Belgische weersomstandigheden zetten meestal al rond de nazomer aan tot winterkost. Wie had durven denken dat ook Jane Lawson, een auteur uit het zonovergoten Australië, zo naar winterse gerechten verlangt? De cover en de illustraties van Sneeuwvlokken en haardvuur verraadt de sfeer van het boek: taferelen met hertenkoppen, geweien en wandelstokken ademen een dermate winterse sfeer uit dat je instant een warm fleecedekentje nodig hebt. Gelukkig staan er volgens de ondertitel 115 hartverwarmende gerechten in het boek.

De vier hoofdstukken waaruit dit boek bestaat dragen de volgende titels: ‘Brrr koud buiten!’, ‘Door en door warm’, ‘Bont en diamanten’ en ‘Dreaming of a white Christmas’. Deze passen perfect op het hoesje van een haardvuurdvd, of in een andere geval; songtitels van een Vlaamse a-capellaband. Los van deze merkwaardigheid, zijn de gerechten echt goed. De gerechten hebben trouwens zelfs een persoonlijke en vernieuwende toets. Of het nu gaat om een ouderwetse zelfgemaakte bitterbal, borsjt met mierikswortelroom of rozijnen-biercake met walnootkruimels, zo goed als alles deed mij instant watertanden. Mede door onze onbekendheid met de Russische en Oost-Europese keuken zijn heel veel gerechten verrassend. Voor het overige zijn de invloeden uit Noord- en Zuid-Europa afkomstig. Bovendien merken we zowel qua originaliteit en presentatie veel invloeden uit de moderne West-Europese sterrengastronomie. De creativiteit komt het best tot uiting in de overheerlijke desserts. Een voorbeeld: appeloliebollen met karnemelk-nootmuskaatijs. Zoet, zuur, bitter, kruidig, fruitig, fris én alcoholisch op één bord, gaande van uiterst eenvoudig tot gecompliceerd, al deze aroma’s maken dit gerecht tot een waar feest.

Prachtig zijn de twee foto’s waarmee het boek eindigt en afsluit: een spierwitte tafel, in het eerste geval mooi versierd en met op elke zitplaats een gevuld bord, in het tweede geval zijn alle borden leeggegeten en ligt de tafel erbij alsof er net een atoombom op gevallen is. De perfect uitgelichte foodfoto’s worden evenwichtig afgewisseld met sfeerfoto’s, iets wat het kookboek ook tot een lifestyleboek maakt. Ook de uitvoering – helder witte hardback, glanzend papier, mooi lettertype – sluit bij dit concept aan.

Enkel het gegeven dat een wit boek snel vuil wordt in een keuken is een beetje spijtig. En het zal vuil worden, want er staan zoveel goede gerechten in dat ik het de komende winter meermaals vanuit mijn boekenkast naar mijn keuken zal versleuren. Laat de korte dagen en de lange nachten maar komen. Op een echte winteravond kan je vanaf vijf tot tien best wat eten, iets beters is er toch niet te doen.

[Femke Vandevelde]



Titel: Sneeuwvlokken en haardvuur
Auteur: Jane Lawson
Illustraties: Teo van Gerwen Design, Waalre
Uitgeverij: Unieboek
Jaar: 2009
Collatie: 287 pp.
ISBN: 9789047510208
Kwalitatieve beoordeling: ****
Moeilijkheidsgraad: II

vrijdag 24 september 2010

Willem Asaert, Marc Declercq, Toni De Coninck, Guido Francque - Food & Wine

In een recent interview met een populair weekblad adviseerde grumpy old man Herwig Van Hove alle restaurateurs om hun sommeliers aan de deur te zetten en hun klanten goede wijnen aan te bieden die algemeen in de supermarkt te verkrijgen zijn. Volgens Van Hove zijn de voordelen legio: men bespaart op personeelskosten en men wint het vertrouwen van de klant die niet alleen een correcte prijszetting zal weten te appreciëren – de prijzen zijn te controleren in de supermarkten – maar die zich graag ook graag laten verrassen door een lekker wijntje dat ook door particulieren kan worden aangekocht. Tachtig procent van de wijnen wordt in Vlaanderen immers via de supermarkt verhandeld. Daartegenover staat de sommelier die met een beetje moeite wel enkele kleine wijnhuizen vindt die exclusief aan hem of haar willen leveren met als gevolg dat restaurants, onafhankelijk van de kwaliteit van de wijn, zelf hun prijs bepalen. Horecamensen die niet zoveel tijd en energie willen investeren kunnen daarnaast ook nog terecht bij speciaalleveranciers die enkel aan horeca leveren tegen prijzen die nooit aan particulieren openbaar worden gemaakt. Zelfs Colruyt doet hieraan mee.

Voor de sommeliers die meewerkten aan dit boek Food & Wine – en die overigens nergens worden vermeld – was de vlotte beschikbaarheid van de gesuggereerde wijnen, conform de beroepseer, geen criterium. Met behulp van de vlot leesbare ‘handleiding’ aan het begin van het boek kan een beetje wijnstudax wel alternatieve wijnen vinden in het toegankelijke wijnaanbod, maar voor de novice is het een quasi ondoenbare zaak om de wijnsuggesties bij elk opgenomen recept na te volgen.

De recepten zijn van de hand van vijftien chefs van wie de acht meest mediagenieke hun naam op de cover van het boek terugvinden. Die acht worden aangevoerd door driesterrenchefs Peter Goossens, Sergio Herman en Jonnie Boer die sowieso garant staan voor een goede verkoop. Nochtans wordt de potentiële koper hiermee op het verkeerde been gezet, want het boek biedt geen enkel instrument om te weten te komen welk recept van wie is. Wie dat graag wil weten, moet zich wenden tot de vijf boeken die aan de basis liggen van deze ‘best of’ compilatie: Groenten&Wijn (Lannoo, 2002) met recepten van Frank Fol, Kaas&Wijn (Lannoo, 2003) met recepten van Peter Goossens, Jonnie Boer en Jacques Thorel, Vis&Wijn (Lannoo, 2004) met recepten van Sergio Herman en Wim Vandamme – in 2007 heruitgegeven onder de titel Vis in de pan – Vlees&Wijn (Lannoo, 2006) met recepten van Johan Segers en Lucas Rive en Desserts&Wijn (Lannoo, 2008) met recepten van Ann en Els Decoen, Pierre Marcolini, Gunther van Essche, Philippe Vandecappelle, Thierry Wynant, Adriaan van Haarlem, Jeroen Goossens, Christophe Michalak, Arnaud Larher, en Roger van Damme.

Naast een keuze van drieënzestig toprecepten uit de vijf vermelde boeken, werden in deze verzamelaar ook de informatieve gedeeltes overgenomen. Voor het hoofdstuk Groenten & Wijn zijn dat Frank Fols 15 kooktechnieken, bij Vis & Wijn zijn dat Marc Declercqs uitvoerige beschrijvingen van 26 van de oorspronkelijk 30 vissen en schelpdieren, bij Vlees & Wijn zijn dat de besprekingen van de rassen, herkomst en versnijdingen van rund, kalf, varken en lam, bij Desserst & Wijn zijn dat de basisrecepten en bij Kaas & Wijn zijn dat 32 beschrijvingen van kazen en kaasjes. Hierdoor krijgt dit boek een licht encyclopedisch, zij het eclectisch, karakter dat menig hobbykok aanspreekt. De teksten, foto’s, recepten, samenstelling en redactie zijn identiek aan die van de vijf basisboeken, wat een kwaliteitsgarantie is. Niet voor niets kreeg deze reeks en enkele afzonderlijke boeken prestigieuze prijzen voor kookboeken.

Wie de originele reeks ‘&Wijn’ gemist heeft, kan met Food & Wine zijn achterstand inhalen. In een lijvig boekwerk worden recepten van topchefs omkaderd met teksten van het kruim van culinair schrijvend Vlaanderen en met foto’s van Tony Le Duc en Frank Croes, op zichzelf al kwaliteitslabels. Wie de oorspronkelijke reeks echter al op de boekenplank heeft staan, vindt in Food & Wine niets nieuws. En dat is jammer, want een extra register op chefs, wijnsuggesties, of ingrediënten was beslist een meerwaarde geweest.

[Edward Vanhoutte]



Titel: Food & Wine
Auteur: Willem Asaert, Marc Declercq, Toni De Coninck, Guido Francque
Fotografie: Frank Croes, Tony Le Duc
Recepten: Jonnie Boer, Ann & Els Decoen, Frank Fol, Jeroen Goossens, Peter Goossens, Sergio Herman, Christophe Michalak, Lucas Rive, Jacques Thorel, Johan Segers, Wim Vandamme, Philippe Vandecapelle, Michel Van Tricht, Thierry Wynant
Uitgeverij: Lannoo
Jaar: 2010
Collatie: 351 pp. – ill.
ISBN: 978-90-209-8802-4
Kwalitatieve beoordeling: ****
Moeilijkheidsgraad: II

woensdag 22 september 2010

Hubert van Herreweghen - Geuze en Humanisme

In juni 1955 vergastte Hubert Van Herreweghen de toehoorders van de Vlaamse Club voor Kunst, Wetenschap en Letteren in Brussel op een causerie met de ronkende titel Geuze en Humanisme. De neerslag van deze lezing werd verlucht met pentekeningen van Maurits van Saene en op Nieuwjaarsdag 1966 aangeboden aan de leden van de Vlaamse Club. De volledige oplage van 400 exemplaren was in geen tijd de deur uit en sindsdien is deze plaquette ook antiquarisch, quasi onvindbaar. Naar aanleiding van de negentigste verjaardag van de dichter, en profiterend van de revival en het succes van gastronomische streekproducten, verzorgde Uitgeverij P met steun van de provincie Vlaams-Brabant deze anastatische herdruk van het origineel.

In Geuze en Humanisme geeft Van Herreweghen de lezer zijn ‘zelfgenoegzame beschouwingen over de voortreffelijkheid van het bier van Brussel en Brabant en van de mensen die het drinken’ aldus de ondertitel. De aangekondigde zelfgenoegzaamheid spat al van de aanhef waarin Van Herreweghen de Rotterdamse humanist Erasmus begroet als ‘grote Anderlechtenaar’. Nu is Erasmus natuurlijk net zo min Anderlechtenaar als de geuze in mijn kelder van Antwerpen zou zijn, maar Van Herreweghen geeft aan het einde van zijn aanhef toe dat hij Erasmus louter ter sprake bracht ‘om de indrukwekkende titel van deze voordracht enigszins te verrechtvaardigen.’

In een dertigtal typografisch fraai vormgegeven bladzijden met veel witruimte vergast Van Herreweghen de lezer op verhalen rond de ethymologie van het woord geuze en op kennis over het brouwproces waarbij de unieke wilde gisting die alleen ten zuidwesten van Brussel mogelijk is, een centrale plaats inneemt. Het is in deze bladzijden dat de tekst enige literaire allures krijgt, wanneer Van Herreweghen de lambiek hoort piepen gelijk een nest jonge muizen en bedenkt ‘hoe goed en gewillig en dienstvaardig die natuurkrachten liggen te woelen en te wroeten om de deugd boven het bederf te doen zegevieren, om de krachten van het goede de bacteriën van rotheid en kwaad te laten verslaan, en om, bij de opstanding uit de kelder, aan de dankbare mens vreugde en perfectie van smaak te bezorgen.’ (p. 21-22)

Zoals het bij een goed bier past, worden ook de vermoedelijke medicinale krachten niet onbesproken gelaten. Sterker nog dan Jan De Wilde die ooit zong: ‘En de Guize dein hei vuile bruekes’ leven gesauveid.’ (En de geuze heeft veel broertjes het leven gered.), laat Van Herreweghen een stervende boer die enkel nog geuze binnenhoudt zowaar uit de dood opstaan.

Van Herreweghen besluit zijn causerie met een enkele verzen van Jan Van Nijlen en Jan Greshoff waaraan hij een eigen ‘Litanie van de Schone Uithangborden’ toevoegt. Zelfgenoegzaam voegt hij eraan toe ‘Is dat niet vele klassieke en expressionistische verzen waard?’

Op het einde van deze korte tekst komt de aap echter uit de mouw. Al het voorgaande was slechts een uitvoerige inleiding, een uitstel op het proeven en drinken van de geuze zelf. Wie dit boekje ter hand neemt, doet er dus goed aan ook een geuze klaar te zetten.

Geuze en Humanisme is geen groot literair moment in het oeuvre van Van Herreweghen, maar vooral een hebbedingetje, een kleinood, een troost voor wie geen origineel exemplaar heeft kunnen bemachtigen. Meer dan een zachtkabbelende causerie die meandert van weetje naar anekdote is het echter niet. Een leuk tussendoortje van een overigens ferm dichter.

[Edward Vanhoutte]



Titel: Geuze en Humanisme
Auteur: Hubert van Herreweghen
Illustraties: Maurits van Saene
Uitgeverij: P
Jaar: 1955/2010
Collatie: 40 pp. – ill.
ISBN: 978-94-77757-19-2
Kwalitatieve beoordeling: ***
Moeilijkheidsgraad: II

maandag 20 september 2010

Pascale Naessens - Mijn pure keuken: volop genieten en toch slank

Je bent ‘internationaal model’ af, en je journalistiek aangelegde man heeft voelsprieten met allerhande mediakanalen, logisch gevolg: een nieuw kookboek met als titel Mijn pure keuken. Veel mensen kunnen lekker koken, veel minder mensen zijn goede koks. Het is een beetje alsof iedereen die een sjaal kan breien opeens een eigen kledinglijn zou ontwerpen.

Maar willen deze voornoemde feiten zeggen dat Pascale Naessens een slecht boek heeft gemaakt? Helemaal niet. Het zou zelfs een moeilijke opdracht zijn, te weten dat ze een topfotograaf als Heikki Verdurme tot haar beschikking had. En dat ze, nog voor ze ooit een letter op papier had gezet, verzekerd was van een heuse mediacampagne. Het boek zelf. Na een woord vooraf door Piet Huysentruyt, die zijn wierook ook niet in de soep liet vallen, word je ingeleid in de ‘pure’ theorie van Naessens. Zij volgt grotendeels de ideeën van de net overleden Montignac, namelijk dat je geen zetmeel met vetten of eiwitten mag combineren. Daardoor verklaart ze ook het gebrek aan desserts. Maar vanuit deze theorie kan je dus wél desserts maken, zolang je maar geen zetmeel gebruikt. Jammer dat ze op dit terrein niet geëxperimenteerd heeft, daar had de meerwaarde van het boek kunnen liggen.

Wat er ook van zij, Naessens kan wel degelijk koken: de combinaties zijn juist doch eenvoudig. De gerechten zijn grotendeels mediterraan geïnspireerd, gaande van hapjes over salades tot vlees, visgerechten en vegetarische schotels. Opvallend is dat er zeer veel vis geserveerd wordt – Naessens heeft dan ook jaren met manlief Paul Jambers doorgebracht op een zeiljacht – een woelige onderneming, die dan ook resulteerde in diverse producten.

Hoewel het boek voorgesteld wordt als een dieetboek, is dat eigenlijk helemaal niet het geval. Naessens werkt enkel in een vrij magere keuken in het opzicht dat er zoveel mogelijk wordt gebakken in plantaardige oliën. Volgens haar filosofie mag je dan ook gerust genieten van een hapje gegrilde sprot met mayonaise of van een geitenkaasbolletje afgewerkt met kruiden. Verademend! Maar dieetwaardig? Nou, niet echt.

Andere gerechten zijn bij de haren getrokken. Wie koopt nu een kookboek om ‘uitgelegd’ te worden hoe je een carpaccio van tomaat bereidt? Gelukkig hebben de meeste gerechten een betere bestaansreden. Dan heb ik het bijvoorbeeld over kabeljauw met dikke erwtensoep en groene curry. Allemaal even foutloos beschreven, al moet je je de intrareceptuele tekstjes à la ‘de liefde van Paul gaat door de maag’ laten welgevallen.

De fotografie stuwt dit gemiddeld boek naar een hoger niveau. Hoewel Heikki Verdurme waarschijnlijk contractueel verplicht was om naast Paul Jambers, ook Luk Alloo op beeld vast te leggen, zijn de foto’s robuust en intiem.

Naessens is een hobbykok die het succes van haar kookboek niet volledig op eigen conto kan schrijven. Laten we hopen dat ze pas een nieuw kookboek uitbrengt als ze echt een muurvast concept heeft dat de tand des tijds kan doorstaan. Niet als ze wil uitpakken met de receptjes waarmee ze de aandacht trekt van Paul Jambers. Al weet net die man wat verkoopt. Ziedaar de zesde druk van Mijn pure keuken.

[Femke Vandevelde]



Titel: Mijn pure keuken: volop genieten en toch slank
Auteur: Pascale Naessens
Fotografie: Heikki Verdurme
Uitgeverij: Houtekiet / Linkeroever uitgevers
Jaar: 2010
Collatie: 192 pp.
ISBN: 9789057203466
Kwalitatieve beoordeling: ***
Moeilijkheidsgraad: II

vrijdag 17 september 2010

Moëmie André - Koffie & lekkers

Blijkbaar is de markt voor boek-boxen waarin kleine kookboekjes worden aangeboden met culinaire gadgets nog lang niet verzadigd. Sinds enkele jaren komen er elk boekenseizoen weer nieuwe kookdozen bij. Helaas is niet elke bijgeleverde gadget een gizmo, hebben ze in het slechtste geval weinig of niets te maken met het bijgeleverde boek of zijn ze van een bedenkelijke kwliteit. Ook op de boekverzorging zelf zit wel wat variatie. Deze boek-box Koffie & lekkers vormt daar gelukkig een uitzondering op.

De doos bevat een mooi vormgegeven gebonden kookboekje met halflinnen band en vier porseleinen dessertpotjes met bijhorende lepeltjes. Die potjes figureren ook in zes van de dertig gefotografeerde recepten in het boek, wat het concept van de boek-box ten goede komt.

Het boek presenteert drie hoofdstukjes met elk tien recepten voor lekkernijen bij de koffie (of bij de thee). In het eerste hoofdstukje ‘Minitaartjes en koekjes’ krijg je bijvoorbeeld recepten voor brownies, citroencarrés, cupcakes en soesjes, maar ook voor witte studentenhaverflikken wat naar mijn gevoel toch meer in het derde hoofdstuk over bonbons thuishoort. Het tweede hoofdstukje draait helemaal rond mousses, roomtoetjes en ijs en het is hier dat de bijgeleverde bekertjes van pas komen. Edoch, de recepten zijn telkens voor acht bekertjes, terwijl er maar vier bekertjes worden meegeleverd in de doos. Een schoonheidsfoutje heet dat. Chocolade-, kaas-, mascarpone- en vruchtenmousses worden afgewisseld met affogato, en panna cotta. Het derde hoofdstukje heet ‘Bonbons en zo’ en opent met heerlijk (eenvoudige) limoentruffels, waarna pecannoten en pijnboompitten in karamel worden verwerkt en vruchtjes, gepofte rijst, geconfijt fruit en houten lepeltjes in de chocolade worden gedoopt. in het recept voor gekonfijte citrusvruchten met chocolade wordt wel een ferme shortcut genomen door te vertrekken van reeds geconfijte vruchtjes die werden aangekocht in plaats van zelf geconfijte sinaasappel en citroen. En over de in kruidige chocolade gedoopte bamboelepeltjes heb ik zo mijn twijfels. Aan een houten lepeltje zabberen, bezorgt heel wat mensen de creeps vanwege het onaangename mondgevoel dat toch steeds doet denken aan een reeds opgelikte frisko.

De recepten zijn van hoge kwaliteit, wat je van een oorspronkelijke Larousse-publicatie wel mag verwachten, en beschrijven stapsgewijs de werkwijze. De voorbereidingstijden, baktijden en rusttijden worden voorbeeldig aangegeven en bij de ingrediënten wordt de garnering, het glazuur of de vulling apart gezet.

Afgezien van een probleempje met de druk op p. 34 van mijn boekje is Koffie & lekkers een zeer verzorgde boek-box geworden met bruikbare recepten in een mooi boekje en handige gadgets als extraatje.

[Edward Vanhoutte]



Titel: Koffie & lekkers
Auteur: Moëmie André
Fotografie: Valéry Guede
Uitgeverij: Inmerc
Jaar: 2009
Collatie: 64 pp. – ill.
ISBN: 978-90-6611-599-6
Kwalitatieve beoordeling: ***
Moeilijkheidsgraad: II
Oorspronkelijke uitgave: Café Gourmand (Larousse, 2009)

woensdag 15 september 2010

Sandra Mahut - Madeleines

Zonder de toevallige aanwezigheid van een madeleine had Marcel Proust zijn onbetwistbare meesterwerk A la recherche du temps perdu nooit kunnen schrijven. De smaak van het gebakje, gesopt in thee, voert de verteller terug naar zijn kinderjaren wat de directe aanleiding is voor drie magistrale delen uit de wereldliteratuur. De oorsprong van dit schelpvormig gebakje zou op een even grote toevalligheid berusten. Het verhaal gaat immers dat een boerin met de naam Madeleine bij het onverwachte bezoek van de gevallen Poolse koning en hertog van Lotharingen Stanislaw Leszczynski vlug een cakeje zou hebben gebakken met wat ze op dat moment in huis had.

In de klassieke uitvoering wordt het beslag gemaakt van bloem, boter, eieren, poedersuiker, bakpoeder, citroenschil en rum. De Franse kookboekenschrijfster en culinair styliste Sandra Mahut toont met dit boekje aan dat de madeleine ook in hedendaagsere varianten een smakelijke functie kan vervullen buiten de koffietafel. Daarvoor voert ze twee transformaties door. Ten eerste reduceert ze de madeleine tot een kokket mini-formaat, en ten tweede introduceert ze een reeks hartige varianten van de oorspronkelijke zoete madeleine.

Het basisrecept voor de hartige variant bevat naast bloem, eieren, boter en bakpoeder ingrediënten als olijfolie, Parmezaanse kaas, kruidenzout, zwarte peper, melk en een druppeltje tabasco. Aan dit basisbeslag voegt Mahut een vijftiental ‘vullingen’ toe, gaande van groene en rode pesto, verse zalm en dille, knoflook en gebakken gember, tot appel en bloedworst.

Ook in de zoete variant is Mahut creatief, en vult ze madeleines met aftereights, dulce de leche, karamels, wortel, en vers fruit. Verder geeft ze recepten voor taart, trifle en tiramisu van madeleines en bouwt ze een indrukwekkende madeleinetoren.

De zestig recepten in dit boekje zijn conform de reeks Becht boekjes helder van tekst en mooi van fotografie. De recepten zijn haalbaar voor elke hobbykok en zetten aan tot eigen experimenten met zoet en hartig. Met de bijgeleverde recepten voor verschillende sausjes bij de zoete en hartige madeleines krijgt dit klassieke gebakje een nieuw leven. Alleen de zoektocht naar mini madeleinevormpjes zou wel eens een tegenvaller kunnen zijn. De originele Franse versie van dit boekje wordt in een Cook'in Box met twee siliconen matten geleverd, goed voor 40 mini madeleinevormpjes. In deze goedkopere Nederlandse versie bleven die vormpjes achterwege.

Stel je eens voor welke meesterwerken Marcel Proust nog had kunnen schrijven, had hij dit boekje gekend.

[Edward Vanhoutte]



Titel: Madeleines
Auteur: Sandra Mahut
Fotografie: David Japy
Uitgeverij: J.H. Gottmer / H.J.W. Becht
Jaar: 2010
Collatie: 72 pp. – ill.
ISBN: 978-90-230-1278-8
Kwalitatieve beoordeling: ***
Moeilijkheidsgraad: II
Oorspronkelijke uitgave: Mini madeleines (Marabout, 2009)

maandag 13 september 2010

Marleen De Naeyer - Koken voor vrienden… en meegenieten

Koken voor vrienden… en meegenieten is een kookboek van Marleen De Naeyer waarin ze de kunst van stressloos koken voor vrienden uiteenzet. Zo doet ze zelf de meeste voorbereidingen, en zet ze iedere vriend aan het koken.

Marleen De Naeyer is volgens de achterflap al meer dan 20 jaar vakleerkracht aan de gerenommeerde Brugse bakkerij- en hotelschool Ter Groene Poorte. Die vakbekwaamheid komt zeker tot uiting in dit boek. Het valt duidelijk op dat De Naeyer geen amateur is, zowel in het correcte gebruik van de termen als in de degelijkheid van de recepturen. Zo zijn de gaartijden correct, en worden de recepturen helder beschreven… Deze aspecten lijken misschien normaal, maar de realiteit leert ons dat deze principes in zeer veel boeken niét gehandhaafd worden. Wat betreft de haalbaarheid verdient dit kookboek dus zeker een positieve bespreking – een ingewikkelde presentatie hier en daar niet te na gezien. Het is ook een algemeen bewezen feit dat de klanten tevreden achterblijven als ze het resultaat, dat door de vormgeving toch extra in de verf is gezet, kunnen benaderen. En tevreden klanten keren terug. Dat wist ook De Naeyer, die eerder al met succes kookboeken schreef.

Het is ergens ook jammer dat De Naeyer door haar klassieke koksopleiding niet van die klassieke principes afwijkt. Zo goed als alle sauzen worden afgewerkt met boter. Door het monteren van de boter wordt de saus veel vetter, en dus minder licht. Ook gebruikt ze meermaals een liason – een mengsel van room en eierdooiers om sauzen of soepen een extra binding te geven.

Hoewel de haalbaarheid dus tot algemene tevredenheid dwingt, zijn de gerechten niet altijd even origineel of verrassend. Als de Naeyer de minder alledaagse toer opgaat, worden de gerechten ook veel beter. Voorbeelden hiervan zijn bloemkoolsoufflé met garnalen – leuk trouwens om van bloemkool een luchtige soufflé te maken. Een andere voltreffer is de witte seldersoep met amandelen – vooral de diablotin van Camembert zorgt voor de sterke smaak.

Naarmate het boek vordert, gaat het alle kanten uit. Er lijken steeds meer hoofdstukken bij te komen die niet echt passen bij het koken-voor-vrienden-concept. Ik heb het dan over de mediterrane smaken die volop worden ingezet, de exotische, Oosterse toets en het hoofdstuk ‘Lekker gezond’ waarin vooral de vegetarisch kost de klok slaat. Ik geef de voorkeur aan een welomlijnde kookstijl, nu lijkt het boek op een onsamenhangend samenraapsel. Wat dan ook perfect logisch is; als kookboek is het een soort best-off van de recepten die De Naeyer al eerder in UITmagazine publiceerde.

Dit is een kookboek met een smoel die je al eerder hebt gezien. Maar saai is per definitie niet slecht, louter gewoontjes. Je gebruikt Koken voor vrienden… en meegenieten om je oude vrienden te verwennen, en niet om er nieuwe bij te maken.

[Femke Vandevelde]



Titel: Koken voor vrienden… en meegenieten
Auteur: Marleen De Naeyer
Fotografie: Kris Vlegels
Vormgeving: Leen De Poorter
Uitgeverij: Lannoo
Jaar: 2010
Collatie: 200 pp.
ISBN: 9789020985832
Kwalitatieve beoordeling: ***
Moeilijkheidsgraad: II

vrijdag 10 september 2010

Marijke Sterk - Mannenkookboek

De titel van Marijke Sterks nieuwste pocketkookboek doet vermoeden dat het bereiden van eten geslachtsbepaald is. De jaren waarin de separatistische Venus en Mars-polemiek stof deed opwaaien zijn, helaas voor Sterk, voorbij.

Over het Mannenkookboek van Sterk valt zowel qua inhoud als vorm even weinig heugelijks te melden als het geval was met het Studenten kookboek (2008) en het Anti crisis kookboek (2009). In Sterks jongste kookboek zwemmen de recepten opnieuw in een vrolijk allegaartje. 200 recepten bij elkaar harken en denken dat hiermee een compact geheel wordt gevormd, is een risicovolle onderneming. Althans, zonder in te boeten aan niveau.

Bij het recept van quiche lorraine bijvoorbeeld wordt de allesbepalende prei uit het oog verloren, en in de bereiding van oeuf florentine wordt de spinazie van het ingrediëntenlijstje geschrapt. Bijzonder. ‘Back to basics’ is misschien wel stoer, en zou daardoor misschien wel eens kunnen passen bij de stereotiepe opzet van het Mannenkookboek. Anderzijds is er ook iets te zeggen tegen die aanpak, vooral als het van ‘back to basics’ naar ‘without basics’ (d)evolueert. Klassiekers hebben hun naam verkregen door het kenmerkende, en dus ook onmisbare, aspect van hun gerecht. Neem pakweg spaghetti bolognese. Die bewuste bolognesesaus staat of valt met het correcte gebruik van het hoofdingrediënt, namelijk verse tomaten. Hoewel er vaak meewarig over gedaan wordt, staat deze sausbereiding niet meteen bekend als de meest simpele. De saus moet namelijk zeer lang inkoken vooraleer zij de perfecte, sterke smaak afgeeft. Ik beschrijf hier, voor alle duidelijkheid, dus niét de gepureerde variant van Sterk die in een recordtijd klaar is en naast flets ook veel te zoet smaakt.

Ook de wijnsuggesties liggen wel heel erg voor de hand. De gouden tip bestaat erin om zoete wijn steeds bij nagerechten te serveren. Dat idee is al jaren achterhaald. Zoete wijn is ondertussen tot perfect gezelschap van foie gras uitgeroepen. Andere tips houden zich dan weer op de vlakte; rode wijn hoort volgens Sterk bij kaas, terwijl witte wijn in vele gevallen zelfs een betere, en vooral scherpere, combinatie oplevert.

Ik vrees dat de meeste mannen met dit boek op hun honger blijven zitten. En alsof ze dat zelf beseft, schakelt Sterk op een bepaald moment over naar haar rol als datespecialiste. Zo instrueert ze de moderne man tot het gebruik van kaarslicht.

Als Sterk niet al te veel moeite doet voor het eten in het Mannenkookboek, hoe verwacht ze dan dat een recensent er met liefde over schrijft? Wil je je mannelijke huisgenoten vaker in de keuken? Koop ze dan een goed chefmes, een kapblok en een mooie lamsbout. Daar zullen zij meer aan hebben. En jij vast ook. Let’s call that a date!

[Femke Vandevelde]



Titel: Mannenkookboek
Auteur: Marijke Sterk
Illustraties: Charlotte van Beek
Uitgeverij: Terra Lannoo
Jaar: 2010
Collatie: 223 pp.
ISBN: 978-9089891-846
Kwalitatieve beoordeling: *
Moeilijkheidsgraad: I

dinsdag 31 augustus 2010

Bert Witte - Australisch Kookboek

Kunstenaar, cartoonist en aquarellist Bert Witte is ook kookfanaat en globetrotter. Die cocktail resulteerde ondertussen in een aantal kookboekjes waaronder het Spaans Kookboek (Ruitenberg/Verba, 2009) en het Grieks Kookboek (Ruitenberg/Verba, 2010/2006). Voor dit Australisch Kookboek verzorgde Witte ook weer tekst en illustraties. Hij presenteert down-under in achtenveertig recepten voor soepen, salades, groenten, vlees, wild en gevogelte en nagerechten.

Australië is het zesde grootste land ter wereld en door haar ligging en unieke politieke geschiedenis een smeltkroes van culturele invloeden die ook terug te vinden zijn in de gastronomie. Wie bekend is met de boeken en de recepten van celebrity cooks Bill Granger en Donna Hay behoeft daarbij geen verdere uitleg.

Dit boekje is eenvoudiger van opzet dan de megaproducties van de hierboven vermelde chefs, maar daarom niet minder degelijk naar inhoud. De recepten zijn zeer simpel gehouden zodat zowel de beginnende amateur als de amaprof er zijn of haar voordeel kan mee doen. Een index achteraan per hoofdstuk houdt het wat overzichtelijk, alhoewel een index op (hoofd)ingrediënt het gebruiksgemak had kunnen verhogen.

Zowat alles wat het land voortbrengt passeert de revue in dit boek, met krokodillenvlees en kangoeroesteak als exotische toppers. Tegenwoordig zijn deze wildsoorten ook bij ons goed te verkrijgen en tijdens de feestdagen liggen ze zelfs in de koeling van de supermarkten. Ook kangoeroestaartsoep of krokodillenvlees van de barbecue met oosterse specerijen zijn dus haalbare recepten.

Wie voor een miniprijsje enkele degelijke Australische recepten op de plank wil hebben, moet zich dit boekje zeker aanschaffen.

[Edward Vanhoutte]



Titel: Australisch Kookboek
Auteur: Bert Witte
Illustraties: Bert Witte
Uitgeverij: Ruitenberg / Verba
Jaar: 2010/2005
Collatie: 80 pp. – ill.
ISBN: 978-90-5513-661-1
Kwalitatieve beoordeling: ***
Moeilijkheidsgraad: II

zondag 15 augustus 2010

Bert Witte - Grieks Kookboek

Wie deze zomer niet in Griekenland geraakt, kan Griekenland in huis brengen met dit kookboekje dat in 2006 voor het eerst werd gepubliceerd. Cartoonist en illustrator Bert Witte, die eerder ook al tekende voor het Spaans Kookboek, verzorgde ook nu weer de illustraties bij de zevenenvijftig traditionele recepten uit de Griekse taverna’s en thuiskeukens die hij wist te verzamelen. Dit boekje laat je ontdekken dat de Griekse doordeweekse gastronomie veel meer in huis heeft dan de populaire meze-hapjes zoals dolmades, taramosalata, tzatziki of de aubergineschotel die naar de naam moussaka luistert.

Het is niet helemaal duidelijk of Bert Witte naast illustrator ook de oorspronkelijke auteur is van dit boekje. De korte inleidingetjes bij de recepten suggereren wel erg sterke Griekse roots bij Witte. Zo vertellen die tekstjes dat de de auteur het recept voor trahanasoep van zijn tante Eugenia uit Thracië heeft, dat vrienden uit Kos hem het recept voor witte-bonensalade gaven, dat hij de gevulde tomaten veel maakte tijdens zijn studies aan de universiteit van Athene, dat de heren van de uitgeverij het recept voor honingtaart op de wijze van Siphnos vonden op een terrasje in Athene, en dat hij het recept voor Kataifi samen met zijn zus Sophia ontdekte in een dorpje bij Thessaloniki. Misschien is dit boekje wel een vertaling van een door een onbekende Griekse auteur samengesteld boek?

Hoe het ook zij, in zeven hoofdstukken worden authentieke recepten voor soepen, salades, meze, groenten, vis, vleesgerechten en nagerechten gepresenteerd. Zoals in de andere deeltjes uit deze reeks vermeldt elk recept de naam in de originele naam en in het Nederlands, naast een ingrediëntenlijst en een beknopte en doorgaans eenvoudige receptuur. Een alfabetische index op de Griekse namen van gerechten , en een overzicht per hoofdstuk op de Nederlandstalige namen ontsluiten het boek.

De gerechten in dit boek weerspiegelen de keukens van de boeren in de heuvels en de vissers aan de kust en zijn zo eenvoudige als een eenvoudige boerensalade, zo puur als geroosterde lamsbout met pasta of konijn in citroensaus, zo populair als gefrituurde inktvis, brood met tomaat, kaas en ui of keftedes me tomates en zo zoet als siko gliko of honingkoekjes.

Wars van alle westerse invloeden op de Griekse restaurantkeuken zoals wij die kennen, biedt dit boek een mooie bloemlezing aan authentieke gerechten die met kleine en grote tekeningetjes van Bert Witte worden geïllustreerd.

[Edward Vanhoutte]



Titel: Grieks Kookboek
Auteur: Bert Witte
Illustraties: Bert Witte
Uitgeverij: Ruitenberg / Verba
Jaar: 2010/2006
Collatie: 80 pp. – ill.
ISBN: 978-90-5513-771-4
Kwalitatieve beoordeling: ***
Moeilijkheidsgraad: II

maandag 9 augustus 2010

Piet Huysentruyt - Piet Puur. Gerechten die vlot naar binnen gaan

ALS of voluit Amyotrofe Lateraal Sclerose is een relatief onbekende ziekte die het zenuwstelsel aantast waardoor de spierfuncties het stap voor stap laten afweten tot ook de meest essentiële spier in het lichaam, namelijk het hart, wordt verlamd. De graduele vooruitgang van de ziekte en de graduele achteruitgang van de lichaamsfuncties zijn echter van minimale invloed op de intellectuele en sociale capaciteiten van de patiënt die door de groter wordende lichamelijke beperkingen steeds meer geïsoleerd geraakt. Voor mensen met ALS wordt het week na week moeilijker om te eten en te slikken en moeten de maaltijden worden gemixt wat veelal resulteert in een onaantrekkelijk papje. Daar wil Piet Huysentruyt met dit boekje iets aan doen, immers ‘eten is niet alleen noodzakelijk, het is ook een belangrijke sociale activiteit’, stelt hij in de inleiding.

Dezelfde boodschap draagt ook de getuigenis van Mieke uit aan het begin van het boek. Zij vertelt over de invloed van de ziekte op haar moeder en over het onbegrip waarmee de familie werd geconfronteerd. Zo is er bijvoorbeeld het schrijnende verhaal van een restaurateur die meedogenloos aankondigde dat hij geen mixer had om haar maaltijd te pureren, waarop de familie correct reageerde door met twaalf personen op te staan en de zaak te verlaten. De domheid van de restaurantuitbater zette zo een domper op wat een gezellig familiemoment had moeten worden.

Dé grote vraag bij families die met de ziekte worden geconfronteerd – en wellicht ook bij de betreffende restaurantuitbater – is hoe je een gerecht kan pureren zonder de afzonderlijke smaken teveel te verliezen zodat het er ook nog smakelijk blijft uitzien. In dit boek, waarvan de integrale opbrengst naar de ALS-liga gaat, geeft Piet Huysentruyt zesenveertig antwoorden op die vraag.

Huysentruyt is uitgegaan van elke mogelijke maaltijd en presenteert recepten voor ontbijtjes, voorgerechten en soepen, hoofdgerechten en desserts die zowel doordeweeks als aan de feestdis kunnen worden geserveerd. Telkens bereidt Huysentruyt een bord voor de hele familie, aangevuld met een gemixte versie voor wie met slik en kauwproblemen kampt. Daarbij heeft hij speciaal op de presentatie en de kleur gelet, maar hij geeft toe: ‘eerlijk gezegd moet je je van de kleur niet te veel aantrekken. Is het lekker? Dat is de hamvraag.’

En met die smaken zit het meer dan snor. Piet Puur is gewoon een heel lekker kookboek geworden met klassiekers zoals tomatensoep met balletjes, vol-au-vent met puree of chocolademousse maar ook originele recepten zoals Sint-jakobsvruchten met sinaasappelsaus en ganzenlever, gegrilde kabeljauw met vanillen en pompoen, ravioli van cantharellen en kreeft of aardbeienbavarois met groene peper.
Op de foto’s bij de gerechten staat telkens de reguliere uitvoering van het gerecht en de gemixte versie wat meteen alle eventuele vooroordelen over het uitzicht wegneemt. Een kleine test bij mijn vijfjarige wijst overigens uit dat de gemixte versie er voor kinderen doorgaans smakelijker uitziet dan het bord, wat meteen een nieuw – zij het niet-geïntendeerd – publiek voor dit boek laat vermoeden.

In Piet Puur bewijst Piet Huysentruyt – volledig belangenloos – een grote dienst aan de maatschappij die nog te weinig geïnformeerd is over ALS en de directe sociale en gastronomische repercussies van de ziekte. Dit boek is zeker een hart onder de riem voor families die met deze ziekte worden geconfronteerd, moet verplicht opgenomen worden in de lessen dieetleer van onze koksscholen en is bovenal een uitstekend kookboek met haalbare recepten die bij iedereen vlot naar binnen gaan.

[Edward Vanhoutte]



Titel: Piet Puur. Gerechten die vlot naar binnen gaan
Auteur: Piet Huysentruyt
Fotografie: Verne
Uitgeverij: Lannoo / vtm-books
Jaar: 2010
Collatie: 96 pp. – ill.
ISBN: 978-90-209-8581-8
Kwalitatieve beoordeling: ****
Moeilijkheidsgraad: II

woensdag 30 juni 2010

Barbara van Stek & Marianne Lunning - Food for the soul.

Zieletroost, het lijkt meer iets voor Vondel, maar in Food for the soul vind je ‘the soul’ ook terug in ‘the kitchen’. Het kookboek moet volgens de ondertitel voor goedgeluimdheid zorgen en een energiestoot teweeg brengen. Zo heeft het drietal van Stek, Lunning en de Leeuw toch beslist.

De drie auteurs besteedden heel wat aandacht aan gevleugelde uitspraken. Zo gaat het van de sobere spreuk ‘De beste raadgever is je hart’ naar het hermetische alternatief ‘Het geluk zit niet in de bestemming, maar in de geur van de bloemen onderweg’. Niet iedereen staat open voor een dergelijk kookboek, al begrijp ik best dat er ook liefhebbers zijn van dit genre. Mensen die zich in het vervolg beter tot lifestyleboeken richten. Het lijkt er in dit kookboek zelfs dat deze olijke gezegden het structuurprincipe van het boek zijn. Bovendien wordt hier de befaamde John Keats gequoteerd – A thing of beauty is a joy forever – weliswaar zonder bronvermelding.

Fotografe van dienst is Anna de Leeuw. Het kookboek Mijn keuken voor de zon waarvoor De Leeuw eerder de fotografie verzorgde, won in het verleden de Gourmand World Cookbook Award. De foto’s van de gerechten zijn bijzonder mooi, al ontbreekt er soms een ingrediënt. Concreet: pijnboompitten in het geval van de rode bietensalade met geitenkaas. Een ander voorbeeld: in het gerecht ‘kruidige appels’ staat opgetekend dat je het klokhuis uit de appel moet halen, om de appel vervolgens op te vullen. Op de foto is de appel echter eerst gehalveerd. Foutloze uitschieters zijn dan weer de foto’s van de gepofte aardappel en de zoete appelsushi.

Chefkok Stek beweert steeds met verse ingrediënten te werken. In werkelijkheid gebruikt ze tomaat uit blik (voor Gazpacho), salade uit een zakje en kant en klare pizzadeeg. De meeste recepten ‘beperken’ zich tot de categorie der voorgerechten, waarbij het opvallend is dat er nooit vlees gebruikt wordt, en slechts vijfmaal vis- of schaaldieren. Zou een niet-vegetariër ongelukkiger zijn, of hoor je in een stuk dunne lende ‘geen fluistering van de ziel’? Wat verder te denken van halfbakken ‘gerechten’ als geroosterde knoflook (ja, knoflook roosteren in de oven) of gefrituurd salieblad (inderdaad, een gefrituurd blad salie)? Was de inspiratie op? Het verbaast me enigszins dat er volledige bladzijden gewijd worden aan garnituren. En dan heb ik het nog niet eens gehad over ‘soulwater’; het recept waaruit duidelijk de filosofie van het kookboek spreekt. Hierbij wordt water gemengd met citroen, komkommer en munt. Feel good food waarschijnlijk, maar niet in mijn geval.

Ook het niveau van de overige gerechten is niet zo hoog. Zo verspilt Stek de kwaliteit van verse (en prijzige) coquilles. Eerst bakt ze de coquilles aan om ze te overgieten – als je de foto volgt is overspoelen misschien een correctere term – met limoenboter waaraan ze vervolgens room toevoegt. Om daar uiteindelijk een lepel verse kaviaar over te scheppen. Blijft er zo nog wel iets over van de fijne coquillessmaak?

Als het doel van dit kookboek erin bestond om mij een goed gevoel te geven, is dat slechts deels gelukt. Ik heb goed gelachen, maar bleef toch op mijn honger zitten wat betreft gedurfde combinaties. Verder dan ricotta met aubergine en tomaat met mozzarella ben ik immers niet geraakt.

[Femke Vandevelde]



Titel: Food for the soul. Gerechten om blij van te worden
Auteur: Barbara van Stek, Marianne Lunning
Fotografie: Anna de Leeuw
Uitgeverij: Terra Lannoo
Jaar: 2009
Collatie: 231 pp. – ill.
ISBN: 978-90-8989-062-7
Kwalitatieve beoordeling: ***
Moeilijkheidsgraad: I

woensdag 23 juni 2010

Dirk Rodriguez - Het compleet andere wijnboek

Ik geef het grif toe: ik heb werkelijk niets met wijn. Maar af en toe moet er toch een flesje worden gekocht, en dan verlaat ik mij steevast op de wekelijkse rubriek ‘Kurkdroog’ die wijnjournalist Dirk Rodriguez in De Morgen Magazine publiceert. Die rubriek presenteert onder andere een wekelijkse snapshot van het wijnklassement van supermarktwijnen onder de 10 euro dat door honderden consumenten wordt samengesteld op de site www.kurkdroog.be. Die site kwam er omdat consumenten zelden de kans krijgen om wijn in supermarkten voor te proeven, hoewel ongeveer tachtig procent van de wijn in België net via de supermarkt wordt verkocht. De beste wijnen van de site zijn nu verzameld in dit mooie boekje dat een perfecte gids is voor wie geen diploma vinologie of sommelier op zak heeft.

Anders dan de manier waarop bijvoorbeeld Harold Hamersma supermarktwijnen ordent in zijn jaarlijkse wijnalmanak, deelt Rodriguez de wijnen niet in per land, herkomstgebied, type of druivensoort. Een dergelijke indeling is voor de gewone consument die op zoek is naar een lekker en betaalbaar flesje wijn totaal irrelevant en kan alleen (would-be) wijnkenners bekoren die daarvoor trouwens andere naslagwerken kunnen consulteren. Als alternatief stelt Rodriguez zeven smaaktypes voor waarbij hij de 184 wijnen in dit boek indeelt: Fris & sprankelend (bubbels), Fris & licht (wit); Rond & genereus (wit); Pittig & verfrissend (rosé), Fruitig & licht (rood); Krachtig & gekruid (rood) en Rijk & harmonieus (rood). Afgezien van het voor een leek toch onduidelijke 'rond', zijn dit handige categorieën voor wie volgens de goesting van het moment een supermarktwijn wil aankopen. Binnen elke categorie zijn de wijnen oplopend geordend op verkoopprijs. Van elke wijn wordt een duidelijke foto van de fles gegeven waarbij het etiket zeer goed leesbaar is, zodat de wijn gemakkelijk wordt herkend in de supermarkt die naast de wijn is vermeld. De beschrijving begint met de gemiddelde score die de wijn op de site van kurkdroog kreeg, en vermeldt verder de naam, de druivensoort en de streek van herkomst. Vervolgens volgt een bondige en kritische beschrijving van zowel de plus- als de minpunten van de wijn, en krijgt elke wijn een foodpairing-suggestie mee. De consument die graag eerst de wijn kiest, komt zo te weten welke gerechten ideaal, volgens een kenner, combineren met de wijn. Wie liever andersom te werk gaat, vindt zijn gading in het tweede deel van het boek, waarbij telkens vijf wijnen worden gesuggereerd bij dertig populaire gerechten zoals mosselen met frietjes, spaghetti bolognaise, asperges of garnaalkroketten. Op deze bladzijden worden de wijnflessen kleiner afgebeeld met vermelding van hun score, de naam van de wijn, de druivensoort, de supermarkt die ze in het assortiment heeft en de prijs. Een paginaverwijzing leidt de lezer naar de uitgebreidere beschrijving in het eerste deel van het boek.

Zowel de opgenomen wijnen als de dertig gerechten zijn via aparte indexen terug te vinden. Handig als je even snel wat wil opzoeken over die ene fles die naar je staat te lonken. Toch ontbreekt er nog één belangrijk instrument om van dit wijnboek de gedroomde koopgids te maken: een index van de opgenomen wijnen per supermarkt. Onder consumenten zijn supermarkthoppers in de minderheid. Supermarktshoppers blijken dan weer honkvast te zijn en hadden een overzicht van de topwijnen in ‘hun’ supermarkt zeker weten te appreciëren. Wellicht kan daar in een volgende editie een mouw aan worden gepast, want een vervolg moet er hoedanook zeker komen

Het compleet andere wijnboek is een mooi uitgevoerd en handige kleinood dat perfect in de jaszak past en waarin je keuze dankzij het leeslint snel terug te vinden is in de supermarkt.

[Edward Vanhoutte]


Titel: Het compleet andere wijnboek. Supermarktwijn volgens uw goesting van het moment.
Auteur: Dirk Rodriguez
Fotografie: Benoit Meeus
Uitgeverij: Luster
Jaar: 2010
Collatie: 152 pp. – ill.
ISBN: 978-94-6058-0406
Kwalitatieve beoordeling: ***
Moeilijkheidsgraad: II

maandag 21 juni 2010

Jeroen De Pauw - Laat het u smaken

Een beetje televisiekok verzilvert graag meteen zijn bekendheid en heeft algauw een paar kookboeken bij elkaar geschreven, of laat dat – soms is dat de betere optie – voor hem doen. Nu heeft Jeroen De Pauw al heel wat televisiewatertjes doorzwommen en maakte hij kookprogramma’s voor de VRT, TMF en VTM, maar een kookboek had hij vooralsnog niet. Daar is nu met Laat het u smaken verandering in gekomen.

De Pauw hanteert als kok een eerlijke en pure keuken zonder teveel tralala. Ook dit boek sluit aan bij zijn basisgedachte over koken. In de inleiding bij dit boek verwoordt hij het als volgt: ‘Er is de laatste jaren al zo veel poespas over koken geweest. Iedereen moet eten, dus iedereen moet ook kunnen koken. Geen zoektocht van Oostende tot Virton om de juiste ingrediënten te vinden. Originele gerechten met eenvoudige ingrediënten, of eenvoudige gerechten met originele ingrediënten.’ Dat naast deze inleiding een enigszins contradictorische foto staat waarop De Pauw in Italië zwarte truffels aan het keuren is, vergeven we de vormgever dan maar. In dit boek dus geen superbewerkelijke recepten die je niet zonder keukenbrigade, een rit naar Rungis of zonder masterclass borden dresseren kan uitvoeren, maar voor iedereen haalbare gerechten met vlot verkrijgbare ingrediënten.

Het boek heeft een klassieke indeling en presenteert net geen zeventig recepten in vier hoofdstukken: Hapjes, Soepen & voorgerechten, Hoofdgerechten en Kaas & desserts. De fusion-invloeden en de rustieke presenteervorm geven aan De Pauws gerechten een onvermijdelijk Jamie-karakter dat ook in de sfeerfoto’s wordt doorgetrokken: De Pauw met warrig haar en nonchalant zomers hemdje en jasje tussen vrienden of kokend aan een gasfornuisje op jaren. En dat is best, want het draagt allemaal bij tot de laagdrempeligheid en het sympathieke karakter van het boek.

Het is ook duidelijk dat Jeroen De Pauw met dit boek niet wil imponeren, maar de lezers gewoon wil aanzetten tot het bereiden van goede gerechten. Klassieke hapjes zoals gepaneerde mosseltjes, gefrituurde bloemkoolroosjes, halfgedroogde tomaatjes, groentenchips, kruidenboters en ijsblokjes, die je in ongeveer elk kookboek aantreft, staan probleemloos naast originele gerechtjes zoals gekonfijte radijsjes. Ook bij de voorgerechten en de soepen staat een ‘boerinnenbond-recept’ zoals kervelsoep naast een originele twist als pompoensoep met peperkoekcroutons. Bij de hoofdgerechten kan De Pauw zich pas helemaal uitleven met mooie smaakcombinaties als gevolg: kippenbouten in limoncello, heilbotfilets met pickleschips en rabarberslaatje en eend met frambozen, gestoofde paksoi en kruidenrijst. Jammer dat De Pauw twee recepten opneemt met geelvintonijn waarvan de visserij en de consumptie door de Stichting Noordzee en het Wereld Natuur Fonds sinds jaren wordt ontmoedigd.

Het grootste hoofdstuk is gewijd aan desserten met een overtuigend aanbod van een vijfentwintigtal warme, koude, spicy, zoete en zeer zoete achterafjes: granité van mojito, marsepein in bladerdeeg met salsa van perziken en amaretto en drie recepten om zelf jenever op smaak te brengen, maar ook chocolademelk en chocomousse met frambozen of crème brûlée van speculaas. Achteraan staan nog vijftien weetjes en handigheidjes verzameld. Het boek heeft geen index of algemene inhoudsopgave.

Laat het u smaken is een pretentieloos kookboek vol ‘originele gerechten met eenvoudige ingrediënten of eenvoudige gerechten met originele ingrediënten’ zoals Jeroen De Pauw het zelf omschrijft in zijn inleiding. Culinaire meerwaardezoekers of foodsnobs zullen dit boek ongetwijfeld links laten liggen, maar wie op zoek is naar toegankelijke en uitvoerbare recepten zal het zich zeker laten smaken.

[Edward Vanhoutte]


Titel: Laat het u smaken
Auteur: Jeroen De Pauw
Fotografie: Studio Wauters
Uitgeverij: Lannoo
Jaar: 2010
Collatie: 192 pp. – ill.
ISBN: 978-90-209-8915-1
Kwalitatieve beoordeling: ***
Moeilijkheidsgraad: II